Close

Nora Spreekt!

#05 Jeremy Mooiman - 1 maart 2018

  • 226
  •  
  •  
  •  
    226
    Shares

1. Context van de uitspraak

De lijsttrekker van de PVV in Zoetermeer vindt dat er in zijn gemeente geen plaats is voor de islam. Dat zei PVV’er Jeremy Mooiman in Muijs in de Morgen op Radio West. Het streven van de PVV is dat er geen moskeeën meer bijkomen en bestaande gebedshuizen gesloten worden. 

‘De islam is een haatdragende en totalitaire ideologie, die geen plaats heeft in Zoetermeer’, zo zei Mooiman. Voor de gebouwen die gesloten worden, kan een andere bestemming worden gevonden. En het sluiten van gebedshuizen kan, volgens Mooiman, door gebruik te maken van gemeentelijke regels die voorzien in de bestemming van een pand.

2. Context van Nora's antwoord

In een democratie kiezen burgers volksvertegenwoordigers. Die volksvertegenwoordigers luisteren naar de wil van het volk en vertalen dit in moties en wetsvoorstellen. Dus als het volk zich zorgen maakt over ‘de islam’ is het de taak van politici om naar die zorgen te luisteren en te komen met voorstellen voor maatregelen.

Die voorstellen komen in de praktijk vaak neer op het invoeren van verboden. De laatste jaren hebben we in Nederland politieke pogingen gezien voor het verbieden van de niqaab, halal slachten, het salafisme, buitenlandse financiering van moskeeën via bijvoorbeeld het Turkse Diyanet. In andere Europese landen is er sprake van een verbod op minaretten. Een verbod op jongensbesnijdenis hangt boven de markt.

Als de meerderheid deze verboden wil, hebben moslims zich daar naar te schikken, zo lijkt het. Dat is echter onjuist. We leven namelijk niet zomaar in een democratie, maar in een democratische rechtstaat. Dat betekent dat de volkswil getoetst wordt aan de grondwet, zodat de grondwettelijke rechten van minderheden niet onder druk komen te staan door de wensen en angsten van een meerderheid.

Deze grondwettelijke toets wordt in de praktijk vaak omzeild door taalkundige constructies die de enkelzijdige focus op moslims verhullen. Zo krijgt men een verbod op ‘gelaatsbedekkende’ kleding in plaats van een niqaabverbod. Een verbod op ‘onverdoofde rituele slacht’ in plaats van een verbod op halal vlees. Een verbod op financiering vanuit ‘onvrije landen’ in plaats van een verbod op buitenlandse financiering van moskeeën. Met dergelijke constructies worden mensen gevangen gehouden in een negatieve polariserende spiraal.

Feit is dat er angst is voor moslims onder een deel van de bevolking. Sommige media en politici vergroten die angst uit en komen vervolgens met onrechtstatelijke voorstellen. De democratische rechtstaat is niet bedoeld om op deze manier de angst voor moslims te kanaliseren.

Hoe hiermee om te gaan? De Eerste Kamer heeft als functie minderheden te beschermen tegen de tirannie van elke meerderheid. Als daar een daadwerkelijke grondwettelijke toets plaats vindt, in plaats van partijpolitiek, dan halen onrechtstatelijke voorstellen het niet. Daarnaast dienen bestuurders vaker te beslissen om moties niet uit te voeren op het moment dat het onrechtstatelijke karakter ervan wordt aangetoond. Dat geldt dus ook voor moties waarvan het anti-islam gehalte wordt verhuld.

Net zoals moslims een taak hebben om de zorgen van medeburgers serieus te nemen, hebben alle burgers de taak om kritisch te blijven kijken naar het beleid van de overheid. Dat beleid moet altijd aan de allerhoogste rechtstatelijke eisen voldoen. Niet alleen ter bescherming van moslims, maar ter bescherming van alle minderheden in Nederland. Die maken uiteindelijk samen weer de meerderheid. 

Om de democratische rechtstaat te beschermen, moet je hem dus niet afschaffen.

  • 226
  •  
  •  
  •  
    226
    Shares

Meer van Nora